
Het correct opwarmen van bio-sensoren met infraroodstraling
Bij het maken van bio-sensoren is warmte van cruciaal belang. Als het thermische profiel ook maar iets afwijkt, kunnen de chemische bindingen worden verstoord of kan het substraat vervormen. Dat is een groot probleem.
Daarom hebben we gestopt met het gebruik van die ouderwetse ovens. Ze zijn te langzaam. In plaats daarvan gebruiken we hoogdichte infraroodlampen. Hierdoor kun je precies bepalen waar de warmte terechtkomt en reageren er onmiddellijk op. Er is geen tijdverlies meer door het wachten tot de oven op temperatuur is.
Het hardwareapparaat moet communiceren met het systeem
Als je een moderne fabriek hebt, mag het verwarmingssysteem geen ‘zwarte doos’ zijn. Het moet in staat zijn om te communiceren met je PLC. We bouwen onze infraroodarrays zodat ze kunnen werken samen met PID-controllers. Hierdoor kun je in real-time zien wat er met het materiaal gebeurt. Je krijgt ook een digitaal verslag van de hoeveelheid warmte die op het materiaal terechtkomt. Zonder dit moet je namelijk gissen – en gissen leidt ertoe dat er een hele partij sensoren kapotgaat.
De details rondom de stroomvoorziening
We streven ernaar om zoveel mogelijk wattage per centimeter te bereiken. Waarom? Omdat we willen dat de verwarmingszone zo klein mogelijk is. Door gebruik te maken van kortegolf-infraroodstraling gaat de energie rechtstreeks naar het materiaal. Er wordt geen energie verspild aan het opwarmen van de lucht rondom het materiaal. Het proces verloopt erg snel: je kunt de gewenste temperatuur al na een paar seconden bereiken.
Eén belangrijk punt: dit legt een enorme belasting op je stroomvoorziening. Als je per lamp 2 kW of meer gebruikt, moet je goed controleren of je bedrading en uitvallen in orde zijn. Je wilt immers niet dat het systeem uitvalt zodra je de schakelaar omzet.
Praktische toepassing in de praktijk
In een slimme fabriek moet je rekening houden met alle mogelijke scenario’s. Wat gebeurt er bijvoorbeeld als een lamp kapotgaat? We gebruiken standaardconnectorën, zodat het vervangen van een lamp maar ongeveer vijf minuten duurt. Dit zorgt ervoor dat de productie door kan gaan.
Maar hier zit het probleem: deze snelheid betekent dat er maar weinig ruimte is voor fouten. Als de transportband zelfs maar 1% verschuift, kunnen je sensoren beschadigd raken. Je moet ervoor zorgen dat de transportband en de infraroodlampen perfect op elkaar zijn afgestemd, zodat de warmtedosis precies klopt.